Terug naar overzicht

Petrus’ berouw

Lukas 22:62

En Petrus ging naar buiten en huilde bitter.

Volledige bijbeltekst

Lukas 22 vers 54 tot en met 62
54 En zij namen Hem gevangen en voerden Hem weg en brachten Hem in het huis van de hogepriester. En Petrus volgde op een afstand. 
55 En toen zij een vuur aangestoken hadden midden op de binnenplaats, en zij samen daaromheen waren gaan zitten, ging Petrus in hun midden zitten. 
56 En een zeker dienstmeisje zag hem bij het vuur zitten en zei, met haar ogen op hem gericht: Ook hij was bij Hem. 
57 Maar hij verloochende Hem en zei: Vrouw, ik ken Hem niet. 
58. En kort daarna zag een ander hem en zei: Ook u bent een van hen. Maar Petrus zei: Mens, dat ben ik niet. 
59 En ongeveer een uur later bevestigde een ander met stelligheid: Het is werkelijk waar, ook hij was bij Hem, want hij is ook een Galileeër. 
60 Maar Petrus zei: Mens, ik weet niet wat u zegt. En onmiddellijk, terwijl hij nog sprak, kraaide de haan. 
61 En de Heere keerde Zich om en keek Petrus aan. En Petrus herinnerde zich het woord van de Heere, hoe Hij tegen hem gezegd had: Voordat de haan gekraaid zal hebben, zult u Mij driemaal verloochend hebben. 
62 En Petrus ging naar buiten en huilde bitter.

Uitleg bij dit schilderij

De verloochening van Petrus is door Jezus voorzegd. Hij spreekt Petrus aan met zijn oude naam: Simon. En de Heere zei: Simon, Simon, zie, de satan heeft u allen opgeëist om te ziften als de tarwe. Maar Ik heb voor u gebeden dat uw geloof niet ophoudt. En u, als u eens tot inkeer gekomen bent, versterk dan uw broeders. Lukas 22 vers 31 en 32.
Net als bij Job - zie Job 1 vers 6 tot 12 en Job 2 vers 1 tot 7- eist de satan bij God dat hij onder andere Petrus op de proef mag stellen om hem zo ten val te brengen. 
Alleen wanneer en voor zover God dit toelaat, kan de satan dit doen. Het doel van de satan is de discipelen hun geloof te laten verliezen en hen te beschuldigen bij God.
Tegenover de satan – die de ondergang van de discipelen wil – stelt Jezus Zich echter op als hun Pleitbezorger: Maar Ik heb voor u gebeden dat uw geloof niet ophoudt, enzovoort. 
Petrus heeft nota bene eerder de belijdenis uitgesproken: 
U bent de Christus van God’. Lukas 9 vers 20.
Maar nu laat God de satan toe Petrus op de proef te stellen. Vanwege de voorbede van Christus zal Petrus’ geloof echter uiteindelijk niet verdwijnen in de beproeving, maar veeleer gelouterd (gezuiverd, gereinigd) worden.
Satan brengt Petrus zover dat hij Jezus driemaal verloochent. Dan draait Jezus Zich om en kijkt Hij Petrus aan. Daarop krijgt Petrus diep berouw. Hij gaat naar buiten en huilt bitter. 
Op het schilderij daalt Petrus de trap af die naar het huis van de hogepriester leidt.

Na Zijn opstanding uit de doden heeft Jezus aan de oever van het meer van Galilea een gesprek met Petrus. zie Johannes 21. Hierin wijdt Petrus zich opnieuw toe aan Jezus en krijgt hij de opdracht ‘herder’ te zijn voor Jezus’ schapen (volgelingen).

Stel een vraag over dit schilderij

{{ errors.first("field_10") }}
{{ errors.first("field_11") }}
{{ errors.first("field_12") }}
{{ errors.first("privacy") }}
Download gratis de afbeelding