Terug naar overzicht

De barmhartige Samaritaan

Lukas 10:34-35

33 Maar een Samaritaan die op reis was, kwam in zijn buurt, en toen hij hem zag, was hij met innerlijke ontferming bewogen. 
34 En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden en goot er olie en wijn op. Hij tilde hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem.

Volledige bijbeltekst

Lukas 10:30-37
30 Jezus antwoordde en zei: Een man ging van Jeruzalem naar Jericho en viel in de handen van rovers, die hem de kleren uittrokken, hem daarbij slagen toedienden en hem bij hun vertrek halfdood lieten liggen. 
31 Toevallig kwam er een priester langs diezelfde weg, en toen hij hem zag, ging hij aan de overkant voorbij. 
32 Evenzo ging ook een Leviet, toen hij op die plek kwam en hem zag, aan de overkant voorbij. 
33 Maar een Samaritaan die op reis was, kwam in zijn buurt, en toen hij hem zag, was hij met innerlijke ontferming bewogen. 
34 En hij ging naar hem toe, verbond zijn wonden en goot er olie en wijn op. Hij tilde hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en verzorgde hem. 
35 En toen hij de volgende dag wegging, haalde hij twee penningen tevoorschijn, en hij gaf ze aan de waard en zei tegen hem: Zorg voor hem, en wat u verder aan kosten maakt, zal ik u geven als ik terugkom. 
36 Wie van deze drie denkt u dat de naaste geweest is van hem die in handen van de rovers gevallen was? 
37 En hij zei: Degene die hem barmhartigheid bewezen heeft. Jezus zei tegen hem: Ga heen en doet u evenzo.

Uitleg bij dit schilderij

Een wetgeleerde wil van Jezus weten wat hij moet doen om het eeuwige leven te krijgen. Jezus reageert door aan hem te vragen wat er in de wet geschreven staat. De wetgeleerde antwoordt: ‘U zult de Heere, uw God, liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.’ Jezus zegt dat hij juist geantwoord heeft. ‘Doe dat en u zult leven.’ Maar de wetgeleerde wil graag weten wie zijn naaste precies is. Jezus vertelt vervolgens de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan (Lukas 10): Een man wordt slachtoffer van een gewelddadige roofoverval. Hij ligt gewond langs de weg tussen Jeruzalem en Jericho. Een priester en een leviet (beiden Joods) passeren de neergeslagen man, maar tonen geen medelijden met hem. Dan komt er een Samaritaan langs. Voor de Joden is dat slechts een ‘buitenlander’, die de wet niet kent. De Samaritaan trekt zich het lot van het slachtoffer aan en helpt hem. Zijn daad is een voorbeeld van naastenliefde.

Stel een vraag over dit schilderij

{{ errors.first("field_10") }}
{{ errors.first("field_11") }}
{{ errors.first("field_12") }}
{{ errors.first("privacy") }}
Download gratis de afbeelding