Terug naar overzicht

Jezus zegent de kinderen

Markus 7:13

13 En Hij omarmde hen, legde de handen op hen en zegende hen.

Volledige bijbeltekst

Markus 7:13-16
13 En ze brachten kinderen bij Hem, opdat Hij hen zou aanraken, maar de discipelen bestraften degenen die hen bij Hem brachten. 
14 Maar toen Jezus dat zag, nam Hij het hun zeer kwalijk en zei tegen hen: Laat de kinderen bij Mij komen en verhinder hen niet, want voor zodanigen is het Koninkrijk van God. 
15 Voorwaar, Ik zeg u: wie het Koninkrijk van God niet ontvangt als een kind, zal het beslist niet binnengaan. 
16 En Hij omarmde hen, legde de handen op hen en zegende hen.

Uitleg bij dit schilderij

Het Bijbelboek Genesis beschrijft dat God een verbond met Abraham sluit, en vervolgens ook met zijn zoon Izak en het complete nageslacht. Het teken van dat verbond was de besnijdenis die bij de jongetjes op de achtste dag na de geboorte plaatsvond. Het verbond wordt in het Nieuwe Testament in de Bijbel vervuld in het ‘Koninkrijk van God’. Daarin zie je de voortgang ervan en komt het verbond tot een hoogtepunt. In Markus 10 zegent Jezus de kinderen. Hij zegt: ‘Laat de kinderen bij Mij komen en verhinder hen niet, want voor zulke mensen is het Koninkrijk van God. Voorwaar, Ik zeg u: wie het Koninkrijk van God niet ontvangt als een kind, zal het beslist niet binnengaan.’ In het verbond met Abraham werden de kinderen al nadrukkelijk betrokken. In het Nieuwe Testament stelt Jezus hen zelfs ten voorbeeld aan volwassenen. Zij moeten ‘worden als de kinderen’.

Stel een vraag over dit schilderij

{{ errors.first("field_10") }}
{{ errors.first("field_11") }}
{{ errors.first("field_12") }}
{{ errors.first("privacy") }}
Download gratis de afbeelding