Terug naar overzicht

De eerste plaag: water wordt bloed

Exodus 7:20

Mozes en Aäron deden precies zoals de HEERE geboden had. Hij hief de staf op en sloeg voor de ogen van de farao en zijn dienaren het water dat in de Nijl was. En al het water dat in de Nijl was, werd in bloed veranderd.

Volledige bijbeltekst

Exodus 7:14-23
Toen zei de HEERE tegen Mozes: Het hart van de farao is onvermurwbaar. Hij weigert het volk te laten gaan. Ga in de ochtend naar de farao, zie, hij zal naar het water toe gaan. Ga dan aan de oever van de Nijl staan om hem te ontmoeten, en de staf die veranderd is geweest in een slang, moet u in uw hand nemen. U moet dan tegen hem zeggen: De HEERE, de God van de Hebreeën, heeft mij tot u gezonden om te zeggen: Laat Mijn volk gaan, zodat zij Mij kunnen dienen in de woestijn. Zie, u hebt echter tot nu toe niet willen luisteren. Zo zegt de HEERE: Hieraan zult u weten dat Ik de HEERE ben. Zie, ik zal met deze staf die in mijn hand is, op het water slaan dat in de Nijl is, en het zal in bloed veranderd worden. En de vissen die in de Nijl zijn, zullen sterven, zodat de Nijl zal stinken. De Egyptenaren zullen moeite moeten doen om het water uit de Nijl te kunnen drinken. Toen zei de HEERE tegen Mozes: Zeg tegen Aäron: Neem je staf en strek je hand uit over de wateren van Egypte. Strek hem uit over hun stromen, over hun rivieren, over hun waterpoelen en over hun hele watervoorraad, zodat zij bloed worden. Er zal bloed zijn in heel het land Egypte, zelfs in de houten en stenen vaten. Mozes en Aäron deden precies zoals de HEERE geboden had. Hij hief de staf op en sloeg voor de ogen van de farao en zijn dienaren het water dat in de Nijl was. En al het water dat in de Nijl was, werd in bloed veranderd. De vissen die in de Nijl waren, stierven en de Nijl stonk, zodat de Egyptenaren het water uit de Nijl niet konden drinken. Er was bloed in heel het land Egypte. Maar de Egyptische magiërs deden met hun bezweringen hetzelfde, zodat het hart van de farao zich verhardde. Hij luisterde niet naar hen, zoals de HEERE gesproken had. En de farao keerde zich om, ging naar zijn huis en nam ook dit niet ter harte.

Uitleg bij dit schilderij

Namens God moeten Mozes en Aäron tegen de farao zeggen: ‘Laat Mijn volk gaan, zodat zij Mij kunnen dienen in de woestijn’. De farao weigert God te erkennen en het volk te laten gaan. Dan volgt er een confrontatie. God toont farao Zijn almacht door plagen of rampen teweeg te brengen in Egypte. Deze moeten de farao uiteindelijk zover brengen dat hij het volk laat gaan.
De eerste plaag is dat het water van de Nijl verandert in bloed. Als de farao ’s morgens naar de oever van de Nijl gaat, moeten Mozes en Aäron hem daar ontmoeten. Zij moeten hem duidelijk maken dat als gevolg van zijn weigering het water van de Nijl veranderd zal worden in bloed. Mozes (of Aäron) slaat voor de ogen van farao op het water met de staf die eerder in een slang veranderd werd. Het water van de levensader van Egypte verandert in bloed, zodat de vissen sterven en er een doodslucht uit de rivier opstijgt. Egyptische tovenaars kunnen door hun bezweringen iets vergelijkbaars doen, zodat de farao bij zijn weigering blijft en God niet erkent. De tovenaars kunnen het bloed echter niet weer veranderen in water.

Mozes treedt hier op als de ‘middelaar (tussenpersoon) van het Oude Verbond’ die namens God het oordeel over de onderdrukker brengt en Zijn volk uiteindelijk uit Egypte zal leiden. Hij is hiermee een voorafbeelding van de ‘Middelaar van het Nieuwe Verbond’ (Jezus), die in Openbaring 19 ‘het Woord van God’ wordt genoemd. Dat is de gestalte op het witte paard, die de oordelen voltrekt aan de heidenen. Daarom is Zijn kleed bloedrood (Openbaring 19 vers 13). Vers 15 zegt dat Hij ‘de wijnpersbak treedt van de wijn van de grimmige toorn van de almachtige God.’
In Openbaring 16 vers 3-8 is sprake van een oordeel waarbij het water veranderd wordt in bloed. Volgens vers 6 is dit de vergelding van het vergieten van het bloed van de heiligen en de profeten. Mogelijk wordt in Exodus 7 het water in bloed veranderd als vergelding van het verdrinken van de pasgeboren Hebreeuwse jongetjes in de Nijl.

Bij deze eerste plaag wordt water in bloed veranderd. Het eerste teken of wonder dat Jezus in het openbaar deed, was het veranderen van water in wijn (Johannes 2).
Tussen bloed en wijn wordt een verband gelegd bij het laatste avondmaal, waar Jezus zegt: ‘Deze drinkbeker (gevuld met wijn) is het nieuwe verbond in Mijn bloed’ (Mattheüs 26 vers 27-28. Lukas 22 vers 20).
Zijn bloed werd vergoten toen Hij Gods rechtvaardig oordeel droeg in onze plaats.

Stel een vraag over dit schilderij

{{ errors.first("field_10") }}
{{ errors.first("field_11") }}
{{ errors.first("field_12") }}
{{ errors.first("privacy") }}
Download gratis de afbeelding